Museumproject Jong schouwt Oud

Acht jonge kunstenaars met Zeeuwse roots zijn ieder gekoppeld aan een van de acht musea van Schouwen-Duiveland.
De kunstenaar gaat op onderzoek uit, maakt een keuze uit de historische collectie en laat zich hierdoor inspireren bij het maken van een nieuw eigen werk. Deze werken zijn te zien geweest in een Zeeuwse boerenschuur en in een schip op het droge met dagelijkse avonturen te midden van het boerenland, op een steenworp afstand van het zilte Zeeuwse water dat onze regio aan alle kanten omringt.

Met deze jubileumtentoonstelling realiseren wij een zeer gewenste samenwerking van regionale non-profit instellingen. In een verbinding van verleden en toekomst willen wij kunstenaars en publiek dichter bij het cultureel erfgoed van Zeeland brengen en hedendaagse kunstuitingen stimuleren.
Met name jonge kunstenaars kunnen nieuwe creatieve visies op historisch erfgoed teweegbrengen.
De volgende 8 kunstenaars namen deel aan dit jubileumproject.

Inge Rens & Brusea
In het Museum Brusea vindt u allerlei activiteiten rond het leven van vissers. Inge Rens ontwerpt en vervaardigt sieraden. Een sieraad is een object dat op het lichaam gedragen wordt. Voor dit project maakte zij, geïnspireerd door een schaalmodel palingvisnet een blow-up van een sieraad dat gedragen wordt door de ruimte.

Tjeerd Vrielink & Watersnoodmuseum
In het Watersnoodmuseum wordt het verhaal over de Watersnoodramp van 1953 verteld.
Tjeerd Vrielink werd geboeid door 3 telefoons die de gebrekkige communicatie symboliseren die mogelijk was tijdens deze ramp in Zeeland. Zij zetten geen zoden aan de dijk bij het redden van mensen die door de  dijken beschermd hadden moeten worden. Deze telefoons hangen voor Tjeerd dan ook samen met angst en dreiging, maar ook met het verloren gaan van waardevolle ervaringen. Tjeerd speelt met een lichtinstallatie in op de on- en/of mogelijkheden om berichten door te sturen en maakte daarbij gebruik van haspels, lampjes en glasplaat om contacten te suggereren en licht in de duisternis te brengen. Maar tevens van oude flessen, verwijzend naar de wijn die werd toegestuurd in hulppakketten vanuit Engeland. Flessenpost als uiterst middel in de vraag naar hulp.
Tjeerd wil hiermee het publiek de vraag stellen welk licht zij zouden kunnen delen met een onbekende in dagen van nood. De flessen herbergde uw briefjes die hun bestemming gaan vinden via het zilte water dat ons hier op Schouwen nog steeds omringt. Met bestemming onbekend.

Rosalinde van Ingen Schenau & Museum de Burghse Schoole
Museum de Burghse Schoole huist in een school uit 1845 en herbergt een klasje uit 1920. In haar bezit bevinden zich 2 prenten van Jantje de Prentenknipper (1798-1870). Deze Zeeuwse knipkunstenaar maakte veelal bijbelse taferelen en boerderderijprinten die hij voor een paar centen verkocht. Jan zwierf door Zeeland, deels levend van de bedeling, deels van de magere opbrengst van zijn knipkunst.
Rosalinde van Ingen Schenau liet zich inspireren door deze knipsels. De techniek van het knippen paste zij toe op roestvrij staal. Omdat Jan de Prentenknipper zijn afbeeldingen tot stand liet komen met behulp van een mesje, voelde Rosalinde zich vrij gebruik te maken van een hedendaagse manier van snijden. Een laser snijdt het silhouet van een uitbundig bloemstilleven uit een plaat. rvs. De schaduw die ontstaat is de voedingsbodem voor bloemen die verwelken. Een schaduw van het heden als herinnering aan wat geweest is.

Kris van der Werve & Museum Goemanszorg
Museum Goemanszorg biedt een indringend beeld van het boerenleven vanaf het begin van de vorige eeuw. Geïnspireerd door de weckpotten in de kelder maakte Kris van der Werve haar installatie in de vorm van een laboratorium. Binnen het thema Schoonheid in Schimmels ging zij op zoek naar de grote verscheidenheid van schimmels in voedingsstoffen. Vroeger werden de schimmels buiten het voedsel gehouden door allerlei procedures. Wecken was zo’n procedure. Dat schimmels zeker ook een esthetische kant hebben was te zien in het laboratorium van Kris waar schimmels niet worden buitengesloten maar ingesloten.

Wiebe Radstake & Museumhaven
In de eeuwenoude stadshaven van Zierikzee liggen oude schepen uit het Deltagebied. Aangezien Wiebe Radstake ook werkt in de zeilende chartervaart zijn de schepen hem niet vreemd. Hij wordt door de hoogaars ARM17 geïnspireerd tot een verrassende link. Het lijkt Wiebe gaaf om zelf een schip te bouwen maar wel van plaatselijk afval én op het droge. Het liefst midden in de polder van Schouwen. Zijn bedoeling is dat het een centrum van activiteiten wordt. Het schip diende dan ook als podium voor muziek maar ook kwam er iemand koken en ’s nachts waren er projecties te zien. Zo beleefde het schip op het droge iedere dag een nieuw avontuur.

Kianoosh Gerami & Stadhuismuseum
Windwijzer in de vorm van een beeld van Neptunus die vanaf 1554 de toren van het stadhuis bekroonde. De maker is niet bekend. De replica is van Peter de Jong en koperslager C. Vinke.
In het Stadhuismuseum is te zien hoe Zierikzee zich door de eeuwen heen ontwikkelde. Behalve een windwijzer, mythe, symbool of sculptuur is de Neptunus die bovenop de toren staat een vaste buurman van Kianoosh Gerami: Wij zien elkaar iedere dag en nacht meerdere keren en houden elkaar in de gaten. Flink en sterk overziet Neptunus Zierikzee maar niemand hoort of ziet verhalen over hem. Dit project is een goede kans om meer over hem te weten te komen en te laten zien. Kianoosh toonde in de video installatie een stukje van het dagelijkse leven van Neptunus en wat hij van bovenaf ziet, zo kijkend door zijn ogen naar een panorama van Zierikzee.

Erik van Leeuwen & Brouws Museum
Het Brouws Museum geeft vooral plaatselijke maritieme informatie. De Petronella werd in 1781 door scheepsbouwer Dirk Priel in Middelburg gebouwd en maakte reizen rond Europa, Afrika en Indonesië. Het schip , driemast volgetuigd met vierkante zeilen was 33,4 bij 8,5 meter. De hoogte van de kajuiten zou in die tijd normaal gezien slechts 1,34 meter zijn. Bij de Petronella was het achterdek 42 cm hoger gemonteerd. De kajuiten boden een voor die tijd ruime stahoogte. De kombuis was een los huisje dat met touwen vastgebonden op het dek staond zodat het tijdens het varen niet overboord zou vallen. Als het schip inde haven lag werd het aan land gehesen om ruimte voor laden en lossen te creëren.
Erik van Leeuwen laat zich inspireren door dit modelschip en tevens door een zoektocht naar wat hij aan materiaal tegenkomt in en om Brouwershaven en in de omgeving van het museum. Met het geselecteerde voorwerp in het achterhoofd schetste hij geen uiteindelijk ontwerp maar een los idee van mogelijkheden, gevoed door de geschiedenis van de haven van Brouwershaven die velerlei momenten van opleving en teloorgang doormaakte. Zijn bedoeling is om in zijn werk iets van deze tijden van voor- en tegenspoed te verwerken.

 

Lisa van Sorge & Cameramuseum
Oude camera’s en fotografie spelen vaak een rol in Lisa’s werk. Vooral de manier waarop oude foto’s de tijd waarin ze gemaakt zijn weergeven fascineert haar. De sfeer van de tijd blijft op een mooie manier bewaard.Het cameramuseum verteld het verhaal over de historie en het ontstaan van fotografie.
Lisa van Sorge maakt in deze tijd foto’s met een digitale camera en niet met een ouder of analoog model. De eigentijdse beelden vangen en stilzetten zodat deze over jaren nog gelezen kunnen worden. Het hoofddeksel van de vrouw in de gekozen foto inspireerde haar tot het gebruik van doorzichtige stof, die in een omwikkeling rond de persoon een tijdloze ruimte creëert. In een drieluik laat zij de kleuren uit de 2 foto’s overvloeien in een schilderij. Lisa grijpt hier haar kans om het door de camera bevroren moment nog eenmaal te ontdooien en in verf naar eigen hand te zetten.

naar boven